|
Negentien Turkse werknemers van het Oosterhoutse kit- en lijmbedrijf Den Braven Sealants hebben bij de politie een klacht ingediend over discriminatie door directeur Cees den Braven. 'Den Braven roept dat alle Turken klootzakken zijn en dat ze allemaal moeten opflikkeren. Hij zegt dat de Turken de fabriek kapot maken'. Dit zegt een woordvoerder van de Turkse werknemers in BN/De Stem. Volgens hem loopt het vooral de laatste maanden de spuigaten uit. De politie heeft van twee Turken de klacht opgenomen, de zeventien anderen hebben zich daarbij gevoegd.
Bij een klacht hebben aangevers tien dagen bedenktijd. Als de klacht niet ingetrokken wordt, zal de politie directeur Den Braven horen. 'Hij heeft recht op weerwoord', aldus de politiewoordvoerder. Daarna zal de zaak worden voorgelegd aan het Openbaar Ministerie, dat moet beslissen over vervolging. 'Ik weet er helemaal niets van. Ik geef nergens commentaar op. Ik ben geen racist. Ik ben absoluut een vriendelijk mens', reageert Den Braven in de Volkskrant. Den Braven zegt wel te weten wat de oorzaak is van het conflict, maar daar wil hij niets over zeggen, omdat het om persoonlijke dingen gaat. 'Ik ben er heel simpel in: als ze het niet naar hun zin hebben, mogen ze vertrekken. Ik beledig niemand. Ik had voor hetzelfde geld ook zwart geboren kunnen zijn.'
Den Braven Sealants heeft achthonderd werknemers in tien productievestigingen, twintig verkoop- en distributiekantoren en drie applicatiebedrijven. Cees den Braven kwam in 1992 als voorzitter van FC Dordrecht ook al in opspraak wegens vermeende discriminerende uitspraken. Hij zou de gekleurde, vooral Surinaamse voetballers in zijn club hebben uitgemaakt voor 'bajesklanten' en 'drugsgebruikers'. Enkele anti-discriminatieorganisaties deden aangifte. Het Openbaar Ministerie zag na onderzoek echter geen aanleiding voor rechtsvervolging. Wel bood Den Braven destijds zijn excuses aan: 'Het bestuur wil uitdrukkelijk verklaren dat, als ten aanzien van de Surinaamse spelers de indruk is gewekt van discriminatie, zij dit ten zeerste betreurt en hiervoor haar oprechte excuses aanbiedt.'
|